tekst4

Zorg & het sociale domein

De ginformele-en-formele-acttiv-en-zorgemeente Overbetuwe bereidt zich voor op haar nieuwe taken vanaf 2015, het helpen van inwoners bij het vinden van de juiste zorg, begeleiding en ondersteuning of het vinden van passend werk. Overbetuwe kiest voor een werkwijze dicht bij de inwoner. Daardoor kunnen vragen van inwoners beter, sneller en goedkoper opgelost worden is de gedachte. De gemeente vraagt de Kantelaar om als kwartiermaker de nieuwe werkwijze te ontwikkelen en de kernteams op te zetten. Vanaf januari 2014 werken twee teams in twee verschillende kernen van de gemeente. In de teams werken professionals en inwoners samen. Ze helpen inwoners bij concrete vragen en geven verder vorm aan de nieuwe werkwijze. In mei is een tussenstand opgemaakt. De sociale kernteams zijn goed op weg maar willen op een dynamischer wijze samenwerken met informele en formele zorg.

Er staan grote veranderingen op stapel in de AWBZ en Wmo. Het landelijke programma van VWS Aandacht voor Iedereen biedt Wmoraden, cliëntraden en belangengroepen advies en ondersteuning bij deze grootschalige operatie. De lokale overheid krijgt meer taken, burgers hebben geen vanzelfsprekend recht meer op zorg, Zorgvragers moeten meer zaken zelf opknappen, samen met familie en directe omgeving. De Kantelaar is via Zorgbelang Gelderland adviseur versterking Wmo. In de Achterhoek biedt de Kantelaar inhoudelijke en procesmatige ondersteuning over de inhoud van de decentralisatie, de vernieuwde rol van de Wmoraden en cliëntorganisaties, de relatie met de achterban en de wijze waarop zij optimaal invloed kunnen uitoefenen op nieuw sociaal beleid.

In vier dorpen in Twente werken huisartsen samen in een kostenmaatschap. De opvatting over nut en noodzaak lopen na 5 jaar samenwerking nogal uiteen. WOOD vroeg onze hulp bij de gewenste aanpak voor de toekomst. Uit de door ons uitgevoerde enquête en bijeenkomst blijkt een gemeenschappelijke gedragen visie op meer inhoudelijke samenwerking. Vooral met het oog op de veranderende Wet Maatschappelijke Ondersteuning. Voor een aantal artsen biedt de kostenmaatschap onvoldoende meerwaarde. Zij blijven samenwerken, maar zullen in de toekomst hun praktijkondersteuners zelf in dienst nemen.